Home » Charley » Archief » Jaar 2014 » Juni 2014

 

 

 

 

                        Harry bij de mensen.

 

Omdat Harry laatst de cursus ‘omgaan met mensachtigen’ met goed gevolg heeft doorlopen mag hij nu een week lang terug naar de aarde om bij de mensen rond te hangen.

Charley geeft enkele opdrachten mee en Harry pakt zijn koffertje. Kan Harry de mensachtigen iets leren, of misschien de aardpoezen?

Kijk met mij mee, zien wat Harry er van brouwt…..

 

Harry sluipt waakzaam om zich heenkijkend over grasvelden en door dicht begroeide bosjes. Van alles komt hij daar tegen. Papiertjes, een leeg blikje en hij loopt met zijn neus in een spinnenweb. Niesend poetst hij met zijn voorpoot het web van zijn neus.

Dan loopt Harry een poortje in. Je weet wel zo’n poort met allerlei deurtjes naar tuinen van die tweevoeters. Een deur staat op een kier en Harry sluipt op zijn buik de tuin in, je weet immers nooit wie of wat je daar tegenkomt. Achter een grote plant gaat Harry zitten en laat de natuur zijn vrije loop. Meteen al komt er zo’n tweevoeter hysterisch gillend aangerend en jaagt Harry de tuin uit. Pfff …. rustig maar denkt Harry: ik vreet je niet op.

 

Verderop in de poort loopt een jonge merel en Harry duikt er bovenop. Hebbes! Trots, met die merel tussen zijn kaken loopt Harry verder. Nu zou hij andere katers moeten tegenkomen, die zien dan gelijk met wie zij te maken krijgen. Maar niets is minder waar.

Een kapsonespoes draait verleidelijk om Harry heen en Harry vergeet helemaal waar hij mee bezig is. Tactisch pikt poes de merel uit Harry’s bek en rent ermee haar tuin in.

En dan weer dat gegil en geschreeuw van die tweevoeters, nu naar die poes met merel. Waar maken die mensachtigen zich nu zo druk om? Vraagt Harry zich af. Het is toch een trofee, dat ze dat nou niet begrijpen. Als Harry nieuwsgierig zijn kop om de hoek steekt wordt hij direct al de tuin uitgewerkt. Poes ook, die rolt achter hem aan de poort in.

 

Nu pas herkent Harry poes. Dit is Prinses! Dat hooghartige kapsonesding uit eerdere afleveringen. Maar nu liggen de zaken anders en dit schept een band. Nu zitten zij samen verbouwereerd te kijken over deze ondankbaarheid en miauwen over een succesvollere tactiek.

 

Zover komt het toch niet. Harry wordt terug gehaald naar de kattenhemel en staat tegenover een boze Charley. Met een priemende voorpoot sist Charley naar Harry dat er over een half uur overleg is.

Gauw nog even een schoteltje melk gedronken en dan loopt Harry naar Charley. Het ziet er allemaal wel heel erg officieel uit in dat kantoor en Harry gaat voorzichtig zitten.

 

Willen wij eigenlijk wel weten wat daar besproken gaat worden? Nee toch. Toch? Wij lezers zijn immers de discretie zelve.

 

©Alley Cat.

 

Juni 2014

 

 

EENTJE UIT DE OUDE DOOS VAN CHARLY.

Heet man.

 

Niet normaal hier. Mocht de hele morgen en dag en avond lekker mee naar buiten, hup de tuin in. Ja dank je de koekoek, het was zo heet dat ik niet de fut had om over de schutting te duiken. De verleiding was groot, maar de hitte was groter. Veel te heet man om je druk te maken over die rotvogels die mij uitdagend op de rand van de schutting uitlachen, terwijl ik met een slome blik mijn hoofd omhoogtil en zeg dat ze op moeten vliegen. Rot op zeg, ga lekker in een vogelbadje de schoolslag leren, maar laat mij met rust. Veel te warm. Zelfs zo heet al vanmorgen, dat ik Leen niet een gekrabbeld en gebeten heb tijdens het kammen van mijn vacht. Nou en dat wil wel iets zeggen hé? Snap trouwens niet waar Leen de kracht vandaan haalt om in dertig graden mijn mooie vacht nog eens mooier te maken. En voor wie, voor wat. Ouwe zeur vind ik het soms.  Maar vooruit dan het hoort erbij. Wij zaten vanmorgen al om 8 uur buiten, Leen met een boek en haar eeuwige bak koffie. Denkt zeker dat ze bruin word van al die koffie die ze drinkt.

 

Nou na een kwartier in de zon, ziet zij eruit als een opgeblazen waterballon.  Rooie kop van de zon. Ze mag niet te lang in de zon, dus blijft ze vaak achter zitten onder de achterkap, lekker met een boek, benen op een stoel, gewoon lekker languit. En mama Claudy, die bakt ze lekker bruin languit op het zonnebed, lekker in haar blote bassie, alleen slipje aan en dan zie ik Leen alweer beetje verlegen boos kijkend, ze is het er nog steeds niet mee eens. De buren kunnen toch niets zien, en Claudy heeft er maling aan.

 

Doch Leen vind het niet kunnen. Ouderwetse teerrrruuuuutttttttt!!! Maar het is te heet om mij daar druk om te maken. Vaak ben ik bezig om Leen even te jennen als ze zit te lezen, lekker op haar boek, languit liggend, in de hoop dat zij mij dan lekker over mijn buik kriebelt. Maar nu even niet, veel te heet. En vandaag wordt het nog warmer. Ik ga dood, ik leef straks niet meer, ik ga kapot. Duik onder grote planten in de hoop op een beetje koelte. Ga bij de vijver verkoeling zoeken, maar merk dat ik nog steeds bang voor water ben.

 

Nee niet echt bang, maar ben vies van water, net als elke rechtgeaarde kat. Lieve mensen veel dieren hebben het met deze plotselinge warmte heel zwaar, kijk naar mij. Ik eet wel veel hoor, elke keer een klein hapje, en Leen loopt zich een paar dribbelvoetjes naar mijn etensbakje toe, die is als de dood dat er een vlieg in de keuken meekomt als alle deuren openstaan. Ik lach me dan kapot, ze kijkt als een raaf alle bakjes na, ververst een paar keer per dag mijn waterbakje. Zij is goed voor mij. Toch iets positief over vrouwtje Leen.

 

Maar het is mij nu te warm om haar te plagen, ik loop niet weg. Lig als een halve dwaze haarknot op de tafel achter, even in de schaduw, eet lekker mee met de dames, dat is dan het positieve aan dit alles. Iedereen mag even van mij in de tuin, het kan mij niks schelen. Het is mij te warm om enige inspanning uit te voeren naar de vliegende vijand. Laat ze toch, zij hebben het ook warm. Ja toch?? En nu hoor ik op het nieuws dat het vandaag en morgen lekker heter wordt. Ik weet nu al dat ik me ga vervelen.

 

Het huis is zo groot, maar geen plek die mij nu verkoeling kan geven, geen plaats in de tuin die mij kan beschermen tegen al die hitte om mij heen. Ik voel me niet lekker, verlang eigenlijk een beetje naar een badje, of een douche. Hé. Ik heb het. Eerverleden jaar was het ook zo heet, en toen hebben Claudy en Leen zich het schompes gezocht naar mij, in wel 35 graden. Ik was weg. Nee, niet echt, maar zij konden mij nergens vinden. Stom van ze, want ik lag lekker in het fonteintje in de douche, de koelste plek in dit huis. Oké ik heb het, als het mij te dol wordt, duik ik daar maar weer in. Mochten jullie op het internet een berichtje vinden dat Charley vermist is, schrijf dan even aan de dames dat ik waarschijnlijk in het fonteintje in de douche lig te pitten??Bij voorbaat mijn verpletterende (doch niet dodelijke) dank.  Veel zonplezier, ik ga naar boven…

 Zonze en likkepoot van Charley