Home » Korte Verhalen » Archief » Jaar 2012 » Februari 2012

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

DE EENZAAMSTE MINUTEN IN MIJN LEVEN.

Deze 28 dagen waren de eenzaamste dagen in mijn leven. Iedereen die ooit bestraald is zal dit volmondig beamen, omdat je moederziel alleen daar 2 minuten ( normaal anderhalve minuut) ligt te bakken onder onzichtbare stralen die je hele binnenwerk verbranden, al voel je niets.

BESTRALING


als ik de  stralen zie verschijnen
en de lampen voelen warm
op mijn beschilderde huid
wil ik huilen en
verdwijnen
het zijn die rode stralen
die mij tegen de borsten
stuit
maar het is zo nodig
wil ik blijven leven
dus is het overbodig
om erover te blijven zeven
het is een feit en om
elke dag te gaan
zodat je weer twee minuten
langer kunt leven
voordat je klaar bent
en van de stijve plank
op kunt staan
hoera voor vandaag ben ik klaar
maar morgen ben ik er weer
onder die machine die bestraald
op mijn borsten, ja
daar.
 

Na mijn vierde chemo die totaal de mist inging omdat ik deze vierde helemaal niet had mogen hebben omdat het té zwaar was, zodat ik ineens de weg kwijt was, daarna hoorde ik dat ik nog 48 uur te leven had. Doordat mijn vrouw ingreep is dat gelukkig niet gebeurt, anders had ik dit niet meer kunnen schrijven. Foutje, bedankt. Dus gelijk aan de "Kankerpil"zoals ze de Tamoxiflen noemen wereldwijd een wondermiddel en ik kreeg precies vier weken rust na dit incident, dat veel erger was dan hierboven beschreven, maar goed. Dat is dan weer een ander verhaal.

Ik kreeg elke dag, behalve de zaterdag en zondag ( hoera) een bestraling van 2 volle minuten. Stel je voor, je zit te wachten in een wachtkamer, hebt allemaal dezelfde ziekte, waar dan ook en er ontstaan banden met elkaar. Ook met mensen die meekomen met Pa of Ma. Zij die met een sjaal opzaten, net als ik, die waren geslachtofferd door de ziekte. De een was ontzettend mager, de ander ontzettend dik. ik hing er gezellig tussenin, ze hadden wel gelukkig koffie. Wachten duurde nooit te lang. Maar als je aan de beurt was, dan ging mijn automatische lachpiloot op eenzaamheid. Je mag je bovenkleding uitdoen en loopt door lange loden leuk gekleurde gangen, moet op een ontzettende smalle plank gaan liggen. Krijg nog wat tekeningen op de borsten, waar ze moeten bestralen, dat zijn speciale stiften, die rommel krijg je er niet zo maar even af, na maanden van schrobben na de bestralingen eindelijk weggepoest, wat een bagger was dat zeg. Voelde mij af en toe net een naakte Picasso, maar dan geen cent waard.

De laboranten gaan trekken en meten en trekken, dat ik nog geen een keer van die plank ben gelazerd is mij ook een raadsel. Maar deze mensen hebben een zware opleiding van vier jaar dan kunnen ze alle apparaten die er bestaan in de medische wereld bedienen, zo ook de patiënten.

Altijd lieve en vrolijke jonge mensen met veel geduld die aan je sjorren, net zolang totdat je goed onder de bestraallijn ligt, want het is meten en passen, bij de een mag de oksel weer niet meegenomen worden in het proces, bij de ander moet het juist en ga zo maar door. Toen ik later zes nietjes zag in mijin borstfoto vroeg ik natuurlijk aan mijn Radiologe: Zijn dat mijn gezwellen?"Nee dat waren de nietjes die de chirurg had laten zitten zodat de radiologen konden zien waar ze precies moesten bestralen.

Toen ik eenmaal stil lag in de grote kamer en boven mij een prachtige foto van een Afrikaans landschap met dieren zag, hoorde ik al via de intercom dat er gestart zou worden. Stil liggen en je beseffen dat je nu alleen op de wereld bent, niemand die bij je mag in die twee minuten. Zo eenzaam heb ik mij nooit gevoeld. Op een gegeven moment weet je hoeveel keer er nog omgewenteld moet worden, hoeveel 2 minuten precies zijn, hoeveel bestralingen er je lichaam doorboord hebben, kortom je eigen wereld staat even 2 minuten stil.

Na die twee minuten, wordt je netjes geholpen door de aangesnelde radiolaboranten/es en die helpen je overeind van die strakken smalle plank. De stilte is voorbij, de lichten gaan weer aan, de show is over en je mag even rechtop bijkomen van het harde platte liggen wat je twee minuten moet doen.

Dan besef je pas dat 2 minuten verrot lang kunnen duren.

Dan besef je pas dat 2 minuten je leven kunnen redden of dat je kiest voor de dood.

Ik koos voor het leven, heb mijn 28 bestralingen gehad, hield er derdegraads brandwonden aan over, maar niet zeuren, het was gewoon nodig. Dus die maanden in de zalf en speciale pleisters ben ik ook doorgekomen, mijn haar groeit gelukkig weer.

Maar als men mij vraagt wat ik nou het ergste vond aan de hele behandeling ( ik zit er natuurlijk nog wel middenin, maar kan er mee leven, lymfeoedeemarm voor heel mijn leven, even 3 maanden aan de rekstokken voor mijn conditie, en wat jaartjes aan de pillen) als men mij vraagt: wat ik nou het verschrikkelijkste vond van die hele operatie ( het zijn niet die 2 operaties die ik heb gehad, wat er omheen hangt, hakt er ook goed in hoor) dan zijn het toch de 2 minuten van bestralingen.

De eenzaamheid in jezelf voele, de angst, het verdriet van jezelf, van je vrouw. Ik wist nooit wat echte eenzaamheid was. Nou daar ben ik dus terug van gekomen. Het is vreselijk, doch niet dodelijk, dat scheelt dan ook weer.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

TREINEN.

 

Als de treinen zijn vertrokken en de stilte weer op het perron de overhand neemt, het piepen van de wielen niet meer op de rails te horen is, de omroeper zwijgt, geen bel meer klinkt, is er alleen het geroezemoes van de enkelen die nog op hun eigen trein wachten. De grootste meute is al weg. Ik zoek je tussen die enkelen die met een sigaret en een broodje bij de rookpaal staan, omdat k weet dat je nog rookt. Ik loop door en zoek je in het restaurant dat half bezet is met verveelde mensen die of wachten op iemand of wachten op de trein die hen naar hun bestemming brengt.

 

Ik zoek verder, loop naar de kiosk van het station en zie je eindelijk staan, verveeld kijkend in een blaadje en traag elke bladzijde omslaand. Ik wil je roepen, maar krijg geen geluid uit mijn keel. Mijn God wat ben je toch mooi. Ik zie je staan in je lichtcrème lange broek, met je rode hakjes eronder, je halflange jas over je slanke lichaam, je lange blonde haren gedrapeerd over je slanke en ranke schouders. Ik fluister je naam. Je hoort me niet, nee natuurlijk niet. Het lawaai van het station is sterker dan het geluid van het gefluister van mijn stem.
Langzaam loop ik op je af en raak dan voorzichtig je schouder aan, ik wil je niet laten schrikken.

 

Je heft je hoofd op en kijkt links naar mij, ik zie een opgeluchte glimlach. 'Hier ben ik dan" zeg ik verontschuldigend.

 “Hé, dus je hebt me gevonden", zeg je.
Je draait je om en wij omhelzen elkaar, het damesblad kreukelt tussen ons in. Maar dat is niet zo belangrijk als het gevoel dat ik krijg wanneer ik jou in mijn armen houd. Mijn lief wat heb ik je gemist. Jij kust mij op de wang en legt met een nonchalant gebaar het blad op een stapel boeken, de man achter de toonbank zie ik geïrriteerd kijken maar jij trekt je er niets van aan.
"'Zullen we eerst een kop koffie drinken, en even lekker bijpraten?”

 " Oké lijkt mij een strak idee.”

Samen lopen we gearmd naar het restaurant. Op het perron aangekomen zie ik in de verte de trein die jou weer van mij wegtrekt. Ik wil je nog niet laten gaan dus doe snel de deur van het restaurant open, duw je snel naar binnen en trek je door de zaal mee, ver van de rails vandaan. "Mijn trein komt zo, ik dacht dat het later zou worden met al die vertragingen", zucht ze en kijkt mij met een spijtige blik aan.


'Sorry maar ik kon niet eerder, mijn trein had een uur vertraging, zodoende ben ik zo laat" klikt het vol verdriet uit mijn mond. Dan zien we haar trein van bestemming op het perron met piepende remmen stoppen. De ober loopt op ons af en nee knikkend staan we alweer op, en met de tranen in de ogen lopen wij naar de uitgang van het restaurant.

"Nou lieffie ik ga weer, jammer dat het zo kort was, weer een uur voorbij voor niets", verzucht zij.

 "Ja, maar daar kon ik ook niets aan doen", antwoord ik kribbiger dan dat ik bedoelde.
"Nou ja volgende keer maar weer de auto dan maar hé, lijkt me toch beter voor onze relatie. Dit werkt ook niet echt zo.”

 We omhelzen elkaar en zij stapt in, ik zie haar een plekje bij het raam zoeken. En alweer verdwijnt ze voor een paar weken uit mijn leven. En daarom haat ik die NS toch zo. Ik geef hen de schuld van het falen van onze relatie, omdat elke keer maar weer die vertragingen opduiken en zo vertraagt en verdwijnt ook je relatie. Terwijl ik als kind altijd dacht dat de NS stond voor Nooit Scheiden.
Nu heb ik er een heel andere tekst voor gevonden Nimmer Sporen.

©leny kruis

DE WARE LIEFDE IN JE LEVEN.


 

Het was zo mooi, en zo intens. Die stille geheime liefde, die niemand mocht weten, die niemand mocht zien, mocht merken. Stel je voor, een verloofde met een op handen zijnd huwelijk die lag te vrijen met een vrouw. Mooi niet. En stel dat je ouders er ooit achter kwamen. Jij leefde een leugen. Ik huilde de waarheid.

We waren echt gek op elkaar, maar ik wilde niet voor mijn liefde voor jou uitkomen en jij niet voor jouw liefde voor mij. Dat mocht niet dat kon niet...Twijfel, angst was jouw meester. Houden van was mijn leraar, maar geen goede.

Als ik ooit geweten had wat houden van was, dan was het wel in die periode dat jij mij afwees. Jij moest en zou trouwen met hem. Terwijl wij beiden wisten dat hij ook homoseksueel was, maar jouw verraad naar mij toe was gewoon het niet willen erkennen van jouw gevoelens. En God wat deed dit pijn.

We hebben voor het eerst het bed gedeeld, voor mij de eerste keer met een vrouw, voor jou de derde. Dus jij liep voorop met alles. God wat was ik groen, wat was ik dom. De eerste kus van een vrouw waar ik echt van hield. Mijn hart was de weg even kwijt, de hartslag was te zien in mijn nek. Maar wat was ik gelukkig met jouw kussen die mijn lichaam bedekten.

Later, veel later daarna reageerde jij met een enkele zin voordat je naar het ontbijt beneden in het hotel ging: "Dit is nooit gebeurt en ik ben biseksueel." Het zal nooit iets worden met ons". Verdwaasd bleef ik achter in de hotelkamer, ik had zin om te huilen, te zuipen. Daarna kwam de langste dag voor mij in mijn toen verwarde wereld.

Die avond lag ik in bed te huilen, ik voelde mij verloren, alleen en had behoefte aan een schouder, aan een knuffel, maar jij leek zo onbereikbaar.

''Kom even bij mij liggen, je hoeft niet te huilen", jouw stem klonk als een zachte wind langs mijn oor. Ik kroop voorzichtig naast je, en voelde ineens jouw handen weer over mijn lichaam. Jouw lippen vonden de weg naar mijn mond. En ik raakte verward, angstig. Bang voor wat er nu weer zou komen.

Op zo’n moment en dat besef ik jaren later pas, is de macht van de liefde de sterkste in hart en ziel. Ik heb mij laten gaan, net als jij. Alleen jij wist dat het hierna voorbij zou zijn. Jij had al je keuzes in je leven gemaakt. En ik stond nog steeds voor een gesloten deur.

Alles is anders nu. Jij trouwde na onze vakantie, en scheidde weer en ging samenwonen. Met een mooie man, die ik later tegenkwam. Jij had hem verteld van ons vakantieavontuur. Hij had er geen moeite mee. Hij was veranderd en niet zo'n mooie man meer als in het begin.

Ik heb je na jouw scheiding nooit meer gezien, alleen vage geruchten gehoord en we hebben er nooit meer over gesproken. Mijn liefde voor jou, ach dat soort dingen slijt op de duur. Maar die pijn van de onmacht, die gun je niemand.

Zoveel onzekerheid doet pijn. Je hebt met mij gespeeld en je dacht dat je gewonnen had. Maar mijn leven ging door. Nu ben ik gelukkig, gelukkig maar...

En toch vraag ik mijzelf soms af....hoe is het nou met jou?

©

leny kruis

Februari 2012