Home » Korte Verhalen » Archief » Jaar 2014 » Maart 2014

 

HEB IK WEER.

 

zwart-beeld.large.jpg

Jaren geleden toen ik nog op kantoor werkte, liep er nog een koffiejuf langs alle afdelingen. Het persoonlijk contact is nu overal in de vorm van automaten.

Maar goed, wij hadden toen juffrouw Annie. Een corpulente dame, altijd goed voor een mop en een lach, sjouwend achter haar koffiekar gevuld met thee en koffie, en de eeuwige gevulde koeken. Ik koos meestal voor de kantine. Maar Annie was niet meer.
Wij kregen allemaal op kantoor het bericht dat Annie in haar slaap overleden was. Hoe mooi kun je dood gaan. Dan de afspraak met collega's over de delegatie die naar de begrafenis gaat. Ik als cheffin viel dat ten deel en sprak met andere collega's af dat wij gezamenlijk bij het kerkhof zouden wachten. En dan samen de aula in. Was je niet zo alleen.
Die bewuste dag van de begrafenis reed ik mijn auto het kerkhof op, parkeerde netjes in een vak. En zag de stoet al aankomen. Maar nog geen enkele collega. Zag ook helemaal geen bekenden. Niet dat ik sociaal met Annie contact had, maar je zou verwachten dat je wel een bekende zou spotten.

Nee dus. Ik keek besluiteloos om mij heen en schuifelde toen maar achter de stoet aan de aula in. Veel oude mensen. Weinig jongeren, zo'n beetje van mijn leeftijd. Annie had toch drie kinderen, allemaal getrouwd en ze was toch al oma? Maar goed, dat zijn dan van die losse gedachten. Dus eenmaal in de aula, vriendelijk knikkend naar de oudjes om mij heen, hoorde ik de muziek. Het Ave Maria schalde door de speakers. Wat raar, ik dacht dat Annie een hekel aan dat nummer had.
Ze had mij ooit verteld dat het Ave Maria bij de begrafenis van haar zus gespeeld werd, dus daarna had ze een bloedhekel aan dat lied. Ik begreep ook niet echt waarom al die oudjes steeds naar mij keken, ik bleef maar vriendelijk knikken en glimlachen. Toen iedereen plaats had genomen tijdens de muziek nam ik ook maar plaats achterin. Eerlijk gezegd begreep ik hier dus helemaal niks van. Er kwam zo'n zwarte raaf achter mij staan en wilde juist de deur dicht doen achter mij. Ik draaide mij naar hem om, en plots zag ik het naambordje staan. Meneer Verdonk.

Wie was in hemelsnaam Meneer Verdonk. Dat was dus degene die daar in de kist lag. Dat was dus degene die geen Annie heette. Want Annie heette Jaspers van haar achternaam. Het schaamrood voelde ik omhoogkomen vanuit mijn nek. Ik zocht een luik onder mijn voeten, wilde mij verstoppen. Het zweet brak mij uit, keek hulpeloos en hopeloos om mij heen. Ik zat dus gewoon bij de verkeerde familie, bij de verkeerde begrafenis, bij de verkeerde muziek.
Snel stond ik op om gauw de deur achter mij weer open te gooien. En hoorde vaag in de verte Andre Hazes zingen dat ik niet weg moest gaan. Sorry Dre, ik moest wel. Ik zat helemaal verkeerd. Op de gang aangekomen veegde ik het zweet van mijn rode gezicht en keek radeloos en beschamend om mij heen. Had ik weer. Buiten aangekomen zag ik gelukkig een paar van mijn collega's staan. Zij keken mij verbaasd aan. ''Waar kom jij nou vandaag? Vroeg Truus van de typekamer. Ik vertelde hen het hele verhaal.

Er werd zo hard gelachen dat een man van de begraafplaats zijn kantoortje uitliep om te kijken wie er zo vrolijk naar zijn laatste rustplaats werd gedragen. Ik schaamde mij kapot. Ja wees nou eerlijk. Welke malloot loopt nou achter de verkeerde stoet aan en gaat gezellig mee de aula in om de laatste eer te bewijzen aan een persoon die je dus never nooit gekend hebt? Ik dus. Maar ja, ik ben eigenlijk een ezel die zichzelf heel vaak aan dezelfde steen stoot. Achteraf was het een leuke anekdote, maar op zo'n moment dat je zoiets meemaakt zoek je wel een luik onder je voeten waar je doorheen kunt zakken van schaamte hoor.
 
 ©Leny Kruis

 

 

 

JEHOVA’S GETUIGES

 

Klop klop op het raam, de bel is namelijk stuk. Doe nietsvermoedend open. En ja hoor, Leentje valt weer in de prijzen.
Zij die nooit ofte nimmer en discussie uit de weg gaat heeft net geen zin in een keurig net stelletje dat met de” ONTWAAKT” in de handen staat te wapperen.
Ik ben al ontwaakt (anders kan ik de deur niet open maken, maar dat terzijde) en een meneer begint direct over het feit dat het einde der einde er aan zit te komen. Discussie zal ik zo waarheidsgetrouw proberen op te hoesten.
"Het einde der tijden, wat alweer?” vraag ik verbaasd.


"Het einde is nabij", spreekt nu de dame die zich voor het eerst in het gesprek mengt.
Ik kijk even vanaf mijn deurpost ( waar ik breeduit voor blijf staan natuurlijk) om mij heen, constateer geen soldaten, vliegtuigen heli's in de lucht schiet of bomgeluiden.
"Nou, volgens mij is het nu even rustig dan, of heeft het leger pauze.”
Ik heb er even geen zin in, maar vergis je niet, ik heb diep respect voor die mensen die toch maar deur aan deur gaan om het geloof te verkondigen en dan ook de nodige vervelende taal over zich heen krijgen.


"Luister, ik heb weinig tijd momenteel, maar ik denk dat u ook niet ver met mij komt, het is vandaag sjabbes (ze schrikken daar altijd van, deze twee dus niet) en ik heb een vrije dag.”
"Dus u bent orthodox joods" vraagt de man vriendelijk.
"Ja, maar niet fanatiek hoor.”

Ik weet het even niet meer, vind ze wel zielig die twee, ze zijn ook altijd zo verrot aardig en afwachtend, wel intussen zwaaiend met hun ONTWAAKT.
"Respect mevrouw, respect op deze wereld voor elkaar, dat is het gemis momenteel.”
'Ja, begin ik toch een gesprekje “maar toen ik een jaar of vijftien was werd mij ook al het einde der tijden voorspeld door de jehova's. Wanneer is dat dan echt?”


"Onze tijd is zo beperkt, zie hoe de aarde door de mensheid vernietigd wordt”, orakelt nu ook de dame.
"Ja, dat zie ik, neem alleen maar die zeehondjes die afgeknuppeld worden in Canada.”

Het slaat even nergens op, maar ik weet het even niet meer, omdat ik ook gelijk Charley onze kater in de gaten moet houden die de kuierlatten wil nemen, dus mijn voetenwerk lijkt op wat spastische bewegingen naar Charley toe die steeds probeert om tussen, naast, links of rechts door de voordeur te glippen.


"Juist overal is dood en verderf en respect voor elkanders geloof mevrouw, dat is er ook niet meer bij.”
"Ho ho, ik heb diep respect voor de Islam hoor, er zitten net nieuwe ruiten aan de voorkant.” Ik kan niet even niet laten om duidelijkheid te geven over de maatschappelijke discussie die momenteel aan de gang is en dat ik wel degelijk op de hoogte ben van wat er zoal in de wereld rondwaart als een spook.


"Mevrouw mogen wij u dit boekje overhandigen in de hoop dat u het leest en dan komen wij een andere keer terug om daar verder met u over te praten. U zult zien dat er nog heel veel te leren valt op deze aarde en dat God altijd maar weer de schuld krijgt van alles.”
"Ja, ik weet het, die God van iedereen die krijgt overal de schuld van terwijl de mens zichzelf naar God helpt.”

 O ja Leen zo gaat ie lekker...
Ik neem het boekje aan en beloof het te lezen. En dat doe ik dan ook echt hoor, vergis je niet in de beloftes van de Klapdoos.
Maar de volgende keer als ik in een weekend klop klop op het raam hoor, dan laat ik op zeker mijn vrouw de deur opendoen.....Die is altijd zo klaar met die gasten. Zij zegt altijd dat ze de werkster is en geen tijd heeft...Werkt altijd. Maar helaas, daar was ik vandaag even niet opgekomen...amen.

 

©Leny Kruis

 

DE BEWAKER


            

Wist je dat Koning Salomon niet alleen moest beslissen over het kind dat twee moeders scheen te hebben en hij zei tegen beiden "Hier is een zwaard en maak het kind dood!" De echte moeder pakte het zwaard niet aan en zei dat de andere vrouw dat maar op haar geweten moest nemen, toen wist Salomon in al zijn wijsheid wie de echte moeder was. Hieronder nog zo een legende over de Koning. Ik heb het van horen zeggen hoor, was er zelf echt niet bij..


De bewaker.

 

Om ons heen en door de eeuwen heen is het woord Engel niet weg te denken, niet in de bijbel, niet in de spirituele wereld om ons heen en zeker niet bij mensen die hierin geloven.

De uitdrukking “Er zit zeker een Engel op je schouder” komt uit het verleden en is ooit volgens de overlevering gezegd door Koning Salomon die moest beslissen of twee krijgers de ring in zouden gaan en een gevecht op leven en dood moesten strijden omdat zij beiden verliefd waren op dezelfde vrouw.


Een van de strijders zei toen tegen zijn rivaal “Neem jij haar maar, want ik geloof niet in het feit dat je geluk kunt bouwen op de tranen van een ander!” Dus het gevecht ging niet door en de beide mannen bleven leven.

 

Engelen bestaan, in welke hoedanigheid je ze wilt zien dat is iets voor jou persoonlijk. Ik geloof er wel degelijk in en blijf erbij dat ik een beschermengel heb, zoals ieder mens.


Het hoeft geen bekende te zijn of je grootmoeder of grootvader, maar het feit dat er altijd wel iets is dat je denkt “Hé hoe kan dit nu?” is al iets om bij na te denken, omdat er soms situaties zijn die niet te verklaren zijn in onze wereld, maar met een beetje hulp van je beschermengel komt het toch altijd wel goed.

 

Zoals die man die onder een boom ging schuilen tijdens een hevig onweer, hij rende in paniek zijn auto uit ( erg dom natuurlijk, maar ja paniek maakt mensen totaal vaak hulpeloos met een goede beslissing te nemen), dus hij rende zijn auto uit en als een speer dook hij onder de zware boom in de hoop dat hij droog zou blijven.


Een grote knal en een ontzettend zware tak viel vlak voor zijn voeten, hij schrok en sprong opzij terwijl op hetzelfde ogenblik de bliksem insloeg in de afgebroken tak, waar net nog de man stond. Had hij een Engel die hem even een zetje gaf en die tak af liet breken? Bij nader onderzoek, toen het droger ging worden zag hij dat het een ontzettend zware dikke stam was die zomaar als een luciferhoutje af was gebroken. Dus een beetje hulp van bovenaf kon je hem niet meer uit zijn hoofd praten.

 

Engelen zijn er altijd onder ons al zien wij ze niet, of we zien ze wel maar kunnen ze niet ontdekken. Zij beschermen ons tegen het kwaad wanneer wij het niet verdienen, zij zorgen voor ons wanneer wij het nodig hebben, maar leun niet op je eigen beschermengel, want het woord zegt het al “bescherm.” Zij beschermen ons wanneer dat nodig blijkt, als wij onze levenslessen nog even door moeten lezen, als je zelf een fout maakt en dan later denkt “O ja ik had het zus of zo moeten doen!”

 

Geloof wat jij wilt, maar besef dat je nooit alleen bent. Er is altijd iemand om je heen die jou de juiste weg wijst, mits je er voor open staat en het toelaat.

 

Maart 2014