Home » Korte Verhalen » Januari 2017
flyskisoep1.gif

ALTIJD MAAR NOOIT.

 

 

Mijn jongste zusje Wilma mopperde altijd dat zij nooit die lekkere jus kreeg die mamma altijd over de stamppot andijvie kreeg, of welk gerecht er ook met jus besprenkeld moest worden. Toen mijn moeder nog leefde stond ze met haar grote neus altijd in de pannen te kijken wat ze nou wel niet goed deed, want elke keer kwam er een bak met gebruind water op tafel in plaats van die lekkere jus die mijn moeder altijd voor elkaar kreeg. Ach ja, ik heb regelmatig ook een poging gedaan, maar zelfs mij lukte het niet. Met of zonder Croma of Blue band het ging gewoon niet. Dat zijn van die ouderwetse trucks die je een kind niet aan kunt leren al doet een moeder nog zo haar best. Of mijn moeder ( altijd in voor een geintje) heeft haar in de maling genomen wanneer ze kwam kijken hoe de jus van moeders nou zo lekkerder was als die van haar. Temeer daar mijn zwager al gedreigd had om voortaan maar bij zijn schoonmoeder te eten, want door die bak met gekleurd water, genaamd jus, werd het gestampte eten er ook niet smeuïger op. Menig ruzie is hieraan vooraf gegaan, voor het diner suprême.

 

Tot aan haar dood is het niet gelukt, mijn moeder niet om het Wilma te leren en mij net zo goed en Wilma niet om het goed te krijgen, altijd maar klagen dat het niet te verstouwen was, zo droog als gort. Het geheim zat hem gewoon in een heel ouderwets gebbetje dat mijn moeder altijd deed, maar eigenlijk dat niemand daar ooit op lette. Met zo een volle tafel met kakelvee en een vader die de boel moest handhaven om enigszins nog met zijn oudste zoon over de handel te praten, nam mijn moeder de gelegenheid te baat om even een klodder margarine door haar eten te kwakken, vond ze zó heerlijk.

 

Dat geheim vertelde ze mij met een lach van oor tot oor op haar sterfbed. Ik moest ook lachen, niet alleen omdat ik geen margarine of boter lust, maar dat Wilma er zelf niet op was gekomen net als ik trouwens. Het zat hem ook niet in de boter of margarine, maar het beetje water dat je gebruikte. Wat wisten wij nou? Niks toch! Moeders kookte altijd, of mijn vader en de kinderen konden allen heerlijk koken, alleen die verrekte jus kwam maar bij niemand tot het recht dat Moeder Overste zoals wij haar altijd noemde, op haar naam kon schrijven. Ik heb na haar dood in 1985 eigenlijk nooit jus meer gegeten, ook omdat ik ziek werd en het niet eens mocht hebben, maar Wilma heeft tot aan haar dood met van alles geprobeerd om de jus van mijn moeder proberen na te maken. Zij stierf zonder te genieten van een prakje stamppot zonder de heerlijke jus van onze moeder. Misschien dat ze nu boven het geheim wel vertelt. Ik zie mensen met pakjes jus en blokjes en weet ik wat allemaal in de supermarkt lopen om de jus zo lekker mogelijk te maken. Maar ja bij moeder is toch altijd alles beter, daar kan niets aan tippen. Want mijn vrouw is chef-kok en die houd niet van jus maar ook zij kwam met een klodder margarine door de stamppot vóór de jus klaar was. Dus ook zij kende het geheim. Alleen zijn wij vergeten het aan Wilma te vertellen. Ach, dat zal mijn moeder inmiddels al gedaan hebben daarboven. Die hadden gelukkig nooit geheimen voor elkaar.

©

leny kruis

 

 

Klik hier om een tekst te typen.